2 Janus Heesbeen (1855 - 1935)
Image Unavailable
Volledige naam Adrianus HEESBEEN
Roepnaam JANUS
Beroep Landbouwer, mandenmaker, arbeider
Geboortedatum 11 september 1855 te Vlijmen,
Overleden 10 oktober 1935 te Vlijmen
Ouders Leonardus Heesbeen en Adriana van der Lee
Partner Petronella Kuys

Het onderstaande is grotendeels ontleend aan het verhaal dat Jan Heesbeen over zijn vader heeft geschreven: (Jan Heesbeen: Mijn Vader). Zijn verhaal is in november 1971 door zijn kleindochter Christine Vermaesen-Smits overgetypt. Deze versie is daarvan in 2008 door Rienell Jansen-van Eeten, kleindochter van Jan, overgeschreven voor haar eigen website (http://www.rienell.eu/familiepagina/). Rienell heeft toestemming gegeven het verhaal ook op deze website beschikbaar te maken.

Levensloop

Adrianus (bijnaam Janus d'n Duim1) werd op 11 september 1855 geboren in een boerengezin in Vlijmen. Zijn vader, Leonardus, was in voorjaar en zomer vaak weg. Het huisje waarin hij met zjn moeder en drie zussen opgroeide, was klein. Er waren enkele varkens, geiten en kippen en op een lap tuingrond werden rogge, aardappelen, bieten, frambozen, kruisbessen en groenten verbouwd. Adrianus was minder sterk dan zijn vader en had dan ook moeite met het zware boerenbedrijf. Hij ging in de leer bij een van de mandemakerijen in het dorp. Daar leerde hij het vlechten van allerlei manden en korven van teenhout. Hij werkte vrij langzaam, waardoor de verdiensten laag bleven. In de zomer werd hij ook door zijn baas ingezet om in zijn groentehandel fruit te sorteren, in te pakken en te verladen naar schepen en de trein.

Image Unavailable
Het gezin van Janus Heesbeen in ongeveer 1910-195

Enkele jaren later verhuisde het gezin en begon Petronella een eigen snoep-winkeltje langs een onverhard binnenweg waarlangs veel schoolkinderen passeerden. Zij verkocht vooral suiker- en dropwaren en was erg handig in het inkopen en het onderhandelen met de snoepfabrikanten. Al snel verdiende Petronella dan ook al meer dan de helft van het weekloon van Adrianus. Zij wilde meer en begon ook "koloniale waren" (koffie en thee), kruidenierswaren te verkopen. Het huis werd te klein, ook omdat er inmiddels negen kinderen waren. Toen er een groot huis, vlak bij het station van Vlijmen beschikbaar kwam, trok Petronella de stoute schoenen aan en regelde via een hulpvaardige notaris een hypotheek om het huis te kunnen kopen. Er kwam veel verkeer langs het nieuwe huis en daarom werd in het voorerf een houten paardenkrib gemaakt, war de voerlui hun paarden konden laten eten en drinken. Aan de voorgevel kwam een groot zwart bord met “Koffiehuis Spoorzicht” en in het huis begon Petronella een café. . Daardoor had het gezin uiteindelijk een heel behoorlijk inkomen voor die tijd.

Het ging zo goed met de winkel en het café dat Adrianus zijn baan kon opzeggen en op het land achter het huis een eigen boerenbedrijf begon. Er kwamen twee geiten, twee kalveren en twee varkens. Petronella zag de mogelijkheden van de combinatie van het boerenwerk met de winkel en samen besloten zij wekelijks een varken te kopen, te slachten en huis-aan-huis te verkopen. Zo werd er nog een slagerij aan de winkel en het café toegevoegd.

Kinderen en kleinkinderen